Actrice Joy Delima studeerde dit jaar af aan de toneelschool in Arnhem, was te zien in Flikken Rotterdam en speelt vanaf komend jaar vast bij Internationaal Theater Amsterdam (ITA). Tijdens haar studie maakte ze de voorstelling Stamboom Monologen: haar zoektocht naar haar roots en over hoe zij het ervaart om nu in Nederland een jonge zwarte vrouw te zijn. Stamboom Monologen werd mede geproduceerd door Veenfabriek en is op 9 januari te zien in Theater Ins Blau. Wij spraken Joy alvast over haar voorstelling.

In de voorstelling vertel je dat je pas na je verhuizing van Rotterdam naar Arnhem echt werd bekeken als zwarte vrouw. Hoe kwam dat besef?

‘Dat ging heel geleidelijk, het kwam niet als een klap. Ik had een beetje heimwee naar thuis en ging naar de toneelschool, waar ik de enige zwarte vrouw was. Ik zag veel witte voorstellingen in witte zalen en toen dacht ik wel even: oeh, heb ik het verkeerde vak gekozen? Ik was bang dat ik geen werk zou kunnen krijgen omdat er geen ruimte zou zijn voor mij. Ik zag mezelf nergens terug.’

Dan lijkt me juist dat je precies het goede vak hebt gekozen.

‘Ja, nu. Ik heb het gekozen in de juiste tijd. De mensen die mij zijn voorgegaan hebben het moeilijker gehad. Het onderwerp van diversiteit komt nu meer ter sprake en dankzij social media is het moeilijk om dat stil te houden.’

Iedereen kan zich uiten op social media en soms werkt dat positief, maar het heeft op het gebied van racisme en discriminatie ook negatieve kanten. Hoe is dat voor jou?

‘Er wordt nooit expliciet ‘we willen je niet want je bent zwart’ gezegd. Dan ga je misschien wel denken: het ligt aan mij, ik ben niet goed genoeg. Maar dankzij social media kun je zien dat dit systematisch gebeurt en dat je niet alleen bent. Voorheen stonden veel mensen er niet bij stil omdat ze er niet stil bij hoefden te staan. Die mensen horen nu ook over discriminatie. Je verspreidt bewustzijn.’

Je speelt de voorstelling al best een tijdje en het is een heel persoonlijk verhaal. Zijn er in de loop van de tijd veel dingen aan veranderd?

‘Toen ik hem schreef was ik over bepaalde dingen nog naïever dan nu, maar daardoor wil ik niet per se dingen veranderen. De dingen die ik toen niet wist wil ik nu juist graag laten zien. Ik heb het in de voorstelling veel over mijn gebrek aan wokeness en over verantwoordelijkheid willen nemen, ook al weet ik niet hoe, waarom en voor wie. Dat kwetsbare, ik vind het juist fijn dat dat ook kan. Ik wil me niet voordoen als iemand die het allemaal al weet.’

Het is een zoektocht naar de geschiedenis van je familie, maar voor jouzelf ook een leerproces. Hoe is het om dat te spelen?

‘Die zoektocht is de rode draad, daaromheen gaat het om mezelf nu. Hoe het bewust worden van de familielijn ook mijn eigen leven beïnvloedde. Vooralsnog heb ik de voorstelling gespeeld op het afstudeerfestival van de toneelschool, maar ook al twee keer voor mensen die niet vaak naar het theater gaan, waaronder een keer op Keti Koti en een keer tijdens Black Achievement Month in Den Haag. Zo cool om het verschil in de reacties te zien. Mede-acteurs zien de technieken die ik gebruik. Het publiek in Den Haag herkende bepaald verdriet dan weer beter of herkende dingen uit hun eigen familie. Ze zijn geen ervaren theaterbezoekers en reageren dus heel anders dan ik gewend ben.

Merk je dat verschil in reacties als je op het podium staat?

‘Er is een gedeelte waarin ik het heb over slavernij in Libië. Alleen mijn personage weet niet meer precies welk land dat is, dan noem ik het ‘Lirië.’ Toen ik dat speelde in Den Haag hoorde ik uit het publiek: ‘Nee, Libië.’ Die grap valt daar niet, terwijl er op de toneelschool om gelachen werd. Andersom gingen mensen in Den Haag meezingen, meepraten en reageren op bepaalde momenten. Dat doet het meeste theaterpubliek niet, maar bij deze voorstelling kan het heel goed.’

Dit is een periode waarin alledaags racisme veel op de kaart staat. Natuurlijk in de decembermaand, maar ook laatst met de racistische spreekkoren bij FC Den Bosch. Neem je dat mee het toneel op?

‘In november komt uit de krochten van Nederland racisme omhoog en dat is pijnlijk. Laatst was ik bij een vreedzaam protest tegen Zwarte Piet in Den Haag. Dat was superheftig omdat er allemaal hooligans om ons heen stonden. Diezelfde avond speelde ik in Den Bosch. In het stuk word ik ook uitgemaakt voor Zwarte Piet en op die dag kwam het opeens allemaal samen. Toen besefte ik: wat is theater toch raar als de realiteit zo dichtbij is. Dat emotioneerde me.’

Maar je staat daar wel, op dat toneel. Op dat moment heb je de kracht om van je te laten horen.

‘Dat zeker. Het voelt goed, maar is toch ook dubbel.’

Op 9 januari speelt Stamboom Monologen in Leiden. Waarom moet iedereen komen kijken?

‘Wat ik het belangrijkst vind, is dat ik de andere kant van een verhaal vertel. Ik ben nooit belerend en leg niets uit over slavernij: het is gewoon mijn verhaal. Tijdens dit huidige debat is het vooral belangrijk dat we naar elkaar luisteren. Natuurlijk zijn er feiten, maar mijn ervaring is totaal anders dan die van een andere vrouw van kleur. Ik vind het belangrijk om daarin kwetsbaar te zijn. En mijn stamboom is gewoon heel verrassend.

Stamboom Monologen is op 9 januari te zien in Theater Ins Blau. Kijk hier voor meer informatie en tickets.

Foto: Isabelle Renate la Poutré

Andere berichten