Janice Deul werd geboren in Rotterdam, groeide op in Alphen, kwam hier wonen om Nederlands te studeren en ging nooit meer weg. Sterker nog: ze is altijd binnen dezelfde vierkante kilometer in het centrum blijven wonen. Met haar werk reikt ze wel tot ver buiten Leiden. Jarenlang werkte ze als eindredacteur voor glossy tijdschriften, nu is ze fashionactivist en cultuuractivist en maakt ze zich hard voor een inclusief media- en cultuurlandschap. We spreken af bij flexwerkplek/koffiebar/kledingwinkel Kleedvermaak voor een cappuccino en een gesprek over haar ‘missie’ en haar favoriete plekken in de stad.   

‘Als fashionactivist en cultuuractivist maak ik me sterk voor meer diversiteit in mode, magazines en de creatieve industrie. We moeten ons beter realiseren dat we de kracht van mode en van cultuur kunnen gebruiken om de wereld mooier, leuker en inclusiever te maken. Dat is niet alleen mijn werk, maar echt een missie. Ik geef colleges aan universiteiten en scholen, zit in panels en treed op als gastspreker, moderator, schrijf opiniestukken en ben co-auteur van een handboek over mode en inclusiviteit dat volgend jaar verschijnt. Daarnaast ben ik als commissielid verbonden aan de Rotterdamse Raad voor Cultuur en pak ik in de media elk podium dat ik kan om dit verhaal te brengen.’

Ik durf het bijna niet te vragen, maar verveel jij je niet in Leiden?

‘Wat betreft werk ben ik vooral aan de slag buiten Leiden: Amsterdam, Rotterdam, Den Haag. Dat geeft ook wel aan dat het thema van diversiteit en inclusiviteit nog niet zo is geland in onze mooie stad. We hebben hier een beetje een Calimero-complex. We denken dat we niet zoveel voorstellen, maar we hebben heel veel te bieden. En heus niet alleen de musea.’

‘Vintage fashion district’ in de Haarlemmerstraat

‘Die naam heb ik er zelf aan gegeven, en voor het gemak reken ik Hartendief in de Breestraat erbij. Je kunt hier echt lekker shoppen Waar we nu zitten aan de achterste helft van de Haarlemmerstraat was ooit een soort niemandsland. Nu zie je veel leuke initiatieven ontstaan, ook al verdwijnen die winkels vaak weer omdat de huren te hoog zijn. Gemeente, doe daar iets aan. Ondersteun zulke initiatieven, ook om leegstand tegen te gaan. Hier bij Kleedvermaak worden werkplekken verhuurd, wordt lekkere koffie gezet en ze verkopen ook nog kleding. We zouden meer coole plekken in het centrum moeten hebben waar creatieve mensen kunnen werken en elkaar kunnen ontmoeten. Daar vaart ook de stad wel bij.’

Hoogstraat

‘Op de Hoogstraat staan is voor mij het ultieme Leidse gevoel. Soms word ik door melancholie bevangen en dan trekt mijn halve tienertijd aan mijn geestesoog voorbij. Ik kom al vanaf mijn 13e in Leiden om te ‘stadten,’ zoals dat toen nog heette. De roltrap op en af bij V&D, jongens kijken, je kent het wel. Nu is er die fantastische fiets- en loopbrug. Oud en nieuw ontmoeten elkaar.’

Brownies & Downies, Aalmarkt

‘Supertof concept, een werkplek voor mensen die het lastig hebben op de arbeidsmarkt. Je krijgt er slagroom op je cappuccino en een heerlijk bakseltje erbij, daar word ik heel gelukkig van. Ik ben sowieso tegen tenten waar je niks lekkers koekje bij je koffie krijgt.’  

Muurgedicht ‘Gronmama’ van Trefossa, Pelikaanstraat

‘Mijn roots zijn Surinaams en daar word ik me steeds meer bewust van, hoe belangrijk, mooi en waardevol dat is. In dit gedicht bezingt Trefossa, schrijver van het Surinaamse volkslied, Suriname, waar ik zelf overigens maar twee keer geweest ben. De tweede keer was om de as van mijn vader uit te strooien. Tijdens zijn uitvaart hebben mijn zus en ik een gedicht van Trefossa voorgedragen en als ik dit muurgedicht zie, moet ik altijd aan mijn hem denken. Plus, ik vind het als Neerlandica cool dat wij dit hebben. Prachtig dat je met muurgedichten taal naar de mensen toe kunt brengen en mensen in contact brengt met talen en culturen die ze niet kennen.’

Station Leiden Centraal

‘Als locatie voor een video-interview kies ik altijd het station omdat het zo mooi modern is, futuristisch vind ik het met al dat staal en glas. Zo in contrast met het beeld dat we van Leiden hebben. Het laat zien dat Leiden een moderne stad is, al zouden we dat nog meer uit mogen dragen. We moeten het Leiden van nu vieren, niet eeuwig blijven hangen bij Rembrandt. Laten we iets doen met de culturele rijkdom die we nu hebben. Dat is wat Leiden tot Leiden maakt, de mensen.’

Stel dat we afspreken om over een jaar een meer cultureel divers Leiden te hebben. Welke actie moeten we dan nu ondernemen?

‘Aandacht voor kleine initiatieven in de wijken, we moeten ons niet blind staren op wat er gebeurt binnen de singels. In de hele stad scouten naar talent en ook echt zorgen dat inclusiviteit en diversiteit randvoorwaarden worden om te investeren in projecten en/of samenwerkingen. Niet zeggen dat iets ‘over diversiteit’ moet gaan, maar zorgen dat het van begin tot eind zo inclusief mogelijk is. Daar moeten we naartoe.’

Vorig jaar hebben Daphne Treurniet en ikzelf een diversiteitstafel georganiseerd, in het kader van Leiden Aan Tafel. Uit dat initiatief zijn mooie ideeën voortgekomen, zoals het instellen van een diversiteitsraad die iedere subsidieaanvraag toetst. Dat zou een heel goede stap zijn om tot een bloeiend en inclusief cultureel klimaat te komen.’

Andere berichten